Struisvogel

Struisvogels zijn zogenaamde loopvogels (ratites). Ze zijn verwant aan de Australische Emu en de Zuid-Amerikaanse Nandu. Struisvogels komen oorspronkelijk uit Afrika maar ze worden tegenwoordig over de hele wereld gefokt. Het belangrijkste fokland is echter Zuid-Afrika. De struisvogel wordt voornamelijk gefokt om zijn huid. Het merendeel van het inkomen wat met struisvogels wordt verdiend, komt uit de huidopbrengsten. De struisvogel die tegenwoordig wordt gefokt, is een kruising tussen de gewone wilde Zuid-Afrikaanse soort en de Keniase Big Red soort. De struisvogel die in Australië wordt gefokt is de oude Zuid-Afrikaanse soort die een beetje kleiner volwassen wordt in Australië.

Leefomgeving struisvogel

Wilde struisvogels komen voor in de savanne van vrijwel heel zuidelijk Afrika: van Zuid-Afrika en Namibië in het zuidwesten tot aan Kenia in het noordoosten. Zelfs Madagascar en Mauritius hadden vroeger hun eigen soorten struisvogels, maar deze zijn tegenwoordig uitgestorven. De struisvogel uit Madagascar was maar liefst 2 keer zo groot als de Keniase Big Red soort.
Hoewel een gefokte hen meer dan 80 eieren per jaar kan produceren, leggen wilde hennen zelden meer dan 15 eieren waarvan, bijvoorbeeld in Zimbabwe, slechts 2% volwassen wordt. Struisvogels worden al meer dan 50 jaar gefokt, maar de export van struisvogelvlees begon pas 20 jaar geleden. De belangrijkste reden voor het fokken van struisvogels is altijd de huid geweest en niet het vlees. Van een A-klasse huid kan één van de mooiste leersoorten ter wereld worden gemaakt.

Jacht op struisvogel

Er bestaat geen handel in het vlees van wilde struisvogels. Zij zijn goed beschermd door CITES en andere nationale- en internationale wetten. Gefarmde struisvogels worden over de hele wereld gefokt. De grootste exportlanden van groot tot klein: Zuid-Afrika, Australië, Zimbabwe, Israël, Namibië, Spanje, Frankrijk en Nieuw-Zeeland. Een potentieel nieuw fokland is China.

Struisvogels broeden niet gedurende het hele jaar. Hun paarseizoen duurt van eind juli tot september, met soms een tweede keer in april. Door het gebruik van broedmachines kan hun broedtijd worden verlengd met zo\'n 3 tot 4 maanden. Vanaf 12 tot 18 maanden zijn de dieren slachtrijp. Er bestaat een hoog- en laagseizoen voor het slachten: het hoogseizoen begint in september en duurt tot februari en het laagseizoen is van april tot begin augustus.

Struisvogelvlees is niet alleen erg smakelijk, maar is ook erg mager en bevat minder dan 2% vet (bijna geen zichtbaar vet). Het past daarom bijzonder goed in de huidige trend van gezond en licht eten.